Triage bij de tandartsen

  • 29 maart 2020

Ook bij de tandartspraktijken zijn de consultaties terug gevallen op het strikt noodzakelijke. Momenteel werken de meeste tandartsen niet of heel beperkt, wegens te weinig mogelijkheden voor bescherming en de hoge risico’s. Tandartsen worden wel gevraagd door de beroepsverenigingen om minstens in de voormiddag telefonisch bereikbaar te zijn voor (vaste) patiënten met klachten. Patiënten zonder vaste tandarts worden bij voorkeur door de huisarts telefonisch aangemeld (zie www.mijntandarts.be) zodat huisarts en tandarts kunnen overleggen om een goed zicht te krijgen op de problematiek en de medische achtergrond van de patiënt.

Als patiënten tandzorg nodig hebben, nemen zij best telefonisch contact op met hun tandarts. De tandarts schat in of een behandeling nodig is. Enkel bij heel strikte urgenties (trauma's, nabloedingen, abcedatie, pijn die niet medicamenteus te verhelpen is) zal een behandeling plaatsvinden. Dit geldt dus niet voor het verlies van een stuk vulling of andere kleinere ongemakken. De behandeling kan enkel bij de eigen tandarts als die voldoende beschermingsmateriaal heeft. Anders verwijst de tandarts deze patiënten door naar een doorverwijspraktijk in de buurt, die voorzien wordt van FFP2-maskers. Ook in de doorverwijspraktijken zal het boren, waarbij aerosol vrijkomt, zoveel als mogelijk vermeden worden, of uitgevoerd worden onder heel strikte hygiënemaatregelen. Iedere tandartspraktijk beschikt over de lijst van doorverwijspraktijken (die dagelijks aangepast kan worden), en kan dus zijn eigen patiënten verder helpen waar nodig.